Archief | verwondering RSS feed for this section

heemschut

11 Nov

Ik was vandaag, voor het eerst in mijn leven, in het openlucht museum. Binnen, ik ben namelijk niet verder gekomen dan de entree. Daar werd namelijk het honderdjarig bestaan van de Heemschut vereniging gevierd.

Het merendeel van de zaal had, mijn inziens, de oprichting nog meegemaakt.

Desalniettemin doen zij wel goede dingen: de vereniging komt al die jaren in actie om gebouwen die worden bedreigd door verwaarlozing of sloop, toch staande te houden. En anders kan het zijn dat het openluchtmuseum het monument, gebouw, industrieel erfgoed of iets anders in zijn collectie opneemt: zij zijn namelijk nauw met elkaar verbonden.

Maar mijn gute. Het leeftijdsverschil. De generatiekloof. Als iemand zijn beklag doet over dat media teveel aandacht krijgt in het onderwijs én dat doordat teveel vrouwen docent of juf worden en daardoor jongens geen techniek meer leren, dan weet je wel hoe laat het is.

Al dan niet aangezwengeld.

Advertenties

dull

13 Apr

Ik zit hier dus ziek. Achter mijn geraniums en met mijn uitkijkspiegel. Zo kan ik de hele straat in de gaten houden. Dat allemaal in krachtwijk Ondiep, Utrecht.

-halverwege de week kreeg ik ruzie met een zesjarige. Ze gooide stokken naar binnen. Na drie keer haar gevraagd te hebben om daarmee te stoppen, voegde ik de derde keer daar nog aan toe ‘anders gooi ik die stok op je hoofd’. Ze stak haar handen in haar zij en riep (ongeveer) ‘kaonker toch op uit onze straot” en ‘als je mij sloat, roep ik mijn broer en die slaot je helemoal in elkoar’. Perplex, dat stond ik. Tussen ons is het vooralsnog niet goed gekomen
-de buren zijn vrienden met de vuilniswagen. Of in ieder geval met de personen die de vuilniswagen eigenen. Zo’n vier keer per week komen ze langs. Gewoon. Voor de gezelligheid.
-of dat iets te maken heeft met de uitspraak ‘ik heel wel, maar steel niet’ van onze buurman, daar ben ik nog niet uit.
-er zijn komen opvallend veel dikke kinderen uit alle hoeken en gaten. Of huizen. Anders past het natuurlijk niet.
-de joggingsbroek-industrie doet hier goede zaken
-het muurtje is altijd bezet. Door jongeren met en zonder scooter, door hun ouders, door moslima’s, door baby’s, door HALTbegeleiders, door meisjes met roze kleren, door van alles.
-ook komen er regelmatig kijkers voor de benedenwoning. Alhoewel de eieren op de ramen er natuurlijk aantrekkelijk uitzien en bewoners uit de buurt een zeer uitnodigende open houding hebben (benen wijd, armen over elkaar, nors gezicht), vind ik het altijd nodig om even de post te halen. En te informeren; of het ze wat lijkt (prachtige tuin, veel ruimte, maar die eieren hè). Het blijkt dat Mitros een ieder afraadt om er te gaan wonen. De Mitros laat ik nooit mijn kaaskraam op de markt beheren.

Also: never a dull moment.

sneekweek

10 Aug

Eigenlijk wil ik me niet ergeren, maar liever verwonderen. Helaas gaat dat niet altijd. Bijvoorbeeld wanneer ik aan de Sneekweek dacht, voordat ik er afgelopen weekend was.

Ik had een beetje gemengde gevoelens over een weekend Sneekweek. Met name door het feit omdat ik me dan ontzettend verwonder over de opgeschoten jongeren, vaak het studentenschorriemorrie uit de Rrrrrrrandstad. Dit schorriemorrie loopt buiten deze week alleen maar grappen en grollen te maken over het Friesche accent, over dat met paard en wagen van plaats A naar B bewegen écht niet meerrr kan, over dat belachelijke dialect (EEN TAAL), over boeren, over het lage iq, over hooivorken en klompen en over trekkers.

Prima hoor. (Zelf)spot is mijn niet vreemd.

MAAR DAN MOET JE IN DE SNEEKWEEK OOK NIET DE PROVINCIE GAAN ANNEXEREN EN BELACHELIJK LOPEN DOEN TEGEN FRIESCHEN MET JE POLO EN JE ZEILBOOT WAAR DE BOEIEN VAN BUITEN BOORD HANGEN
(daar herken je Duitsers, amateurs en gehuurde boten aan). Zo.

Ik zag er inderdaad een paar lopen. Maar het waren er zoveel minder dan verwacht. En zo. De avond was fantastisch leuk. Nadat we volgestopt waren met boontjes, aardappelen, liters koffie, lekkere koekjes en een heerlijk toetje door de moeder van Nynke toogden wij op de fiets met licht en al naar Sneek.

Aldaar. Was het een soort carnaval, maar zonder zachte g’s, met toeters en bellen, foute muziek, foute kroegen, foute kleren, vrijwel geen Marikanen of Molukkers en gezellige uitsmijters die alle ins en outs over hun capaciteiten op seksueel gebied uit de doeken deden.

Toen maniak echter een politie op zijn schouder tikte en zei: ‘toen ik jong was, toen had jij nog autoriteit’, was het tijd om naar huis te gaan. De ziekenbroeder die dit akkefietje gadesloeg, moest er wel om lachen. Zes uur laten stonden we in het Friesch museum te Leeuwarden op een uilententoonsteling ‘nachtbrakers’.

bob

23 Jul

Eigenlijk wil ik me niet ergeren of, in dit geval boos maken, maar liever verwonderen. Helaas gaat dat niet altijd. Bijvoorbeeld wanneer ik spreek met iemand die drinkt en rijdt en daar ook nog in geuren en kleuren over vertelde.

Pfoe.

In de samenleving is dat al not-done.

Maar werkelijk: als iets in mij al mijn haren overeind laat staan, is dát het wel. En als mijn moeder (het is inderdaad een familieding) daar lucht van zou hebben gekregen zou ze hem zeven maanden zonder eten naar bed hebben laten gaan en smeken of hij alsjeblieft van zijn geloof wil vallen en aan de harddrugs zou gaan. Nog liever dat, dan een ander doodrijden.

Dat je jezelf naar een volgend level bonjourt dat is nog tot daar aan toe, maar het vervelende is wel dat je vaak een ander of een stuk of vier meeneemt. En als gevolg van dat een hele familie-, vrienden-, kenissen- en dorpskring.

En elke keer vraag ik me weer af: hoe moeilijk kan het zijn om niet in een auto te stappen?

koffer

6 Jul

Eigenlijk wil ik me niet ergeren, maar liever verwonderen. Helaas gaat dat niet altijd. Bijvoorbeeld wanneer ik iemand met een ‘trolley’ zie lopen. Rozen en die met panterprintjes zijn het ergst. Het zijn moment waarop ik denk: ben ik de enige weldenkende mens op deze wereld?

Iemand met een trolley schijnt namelijk nooit bewust te zijn van het feit dat ze nog twee meter achter zich aanslepen. Dus wanneer jij een rechte lijn aanhoudt, maar een persoon met trolley links afslaat, spant deze dus altijd een valdraad en lig je dus met je snuffert op het perron. Of ergens anders waar veel mensen bijelkaar zijn gekomen. En vooral er geen erg in hebben. Daarnaast vraag ik me af, wanneer ze hun trolley altijd door het zand of over keien proberen heen te trekken: waarom til je je koffer niet gewoon? Er zit toch niet voor niets een handvat aan? Maar nee; een trolley is een trolley en gesleept zal hij worden. En waarom moet een trolley ook altijd een extra plek innemen: een staanplaats op de roltrap, een stoel in de trein, of de bewegingsruimte in de AhtoGo. Voor dat eerste geldt: GA LEKKER MET DE LIFT (dit geldt ook voor mensen met kinderwagen, buggies of infant teribbles in het algemeen).

Wanneer ik het dus in mijn hoofd haal een trolley te kopen. Herinner mij dan aan deze blog. Zodat ik niet één van hen ga worden.